Aanmelden kinderopvang!

Hoera! Een positief GGD-rapport voor Kinderdagverblijf Oosthuizen

12-02-2020

Hoe mooi is het als toewijding en professioneel handelen beloond wordt? Ons team van Kinderdagverblijf Berend Botje in Oosthuizen heeft op 25 november 2019 bezoek gehad van de GGD-inspecteur en dit heeft geleid tot een prachtig rapport. Onze locatie voldoet aan alle getoetste voorwaarden.

Alle locaties voor kinderopvang worden regelmatig bezocht door een inspecteur van de plaatselijke GGD. Daarna wordt een officieel inspectierapport op de website van Landelijk Register Kinderopvang gezet. De inspecties worden uitgevoerd om te controleren of de locaties voldoen aan alle eisen uit de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.

Op de eerste pagina (3) van het officiële rapport staan de belangrijkste gegevens: een overzicht van de algemene kenmerken van de locatie en de geschiedenis.

Tot slot de conclusie: De houder voldoet aan de getoetste voorwaarden.

En een advies aan het College van B&W: Geen handhaving (geen actie nodig).

De werkwijze

De inspecteur bezoekt de locatie en controleert een groot aantal punten. Die punten zijn in een aantal categorieën onder te verdelen waarvan de belangrijkste zijn:

  1. Pedagogisch klimaat
  2. Personeel en groepen
  3. Veiligheid en gezondheid

Pedagogisch klimaat

De inspecteur bekijkt of in de dagelijkse praktijk wordt voldaan aan vier pedagogische basisdoelen die in de Wet Kinderopvang worden gesteld:

  • De kinderen moeten zich emotioneel veilig en geborgen voelen
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun persoonlijke ontwikkeling
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun sociale ontwikkeling
  • De leiding zorgt voor de overdracht van normen en waarden

Persoonlijke competenties

Opmerking van de inspecteur:

Er wordt op een sensitieve en responsieve manier met kinderen omgegaan, respect voor de autonomie van kinderen wordt getoond, er worden grenzen gesteld aan en structuur geboden voor het gedrag van kinderen, zodat kinderen zich emotioneel veilig en geborgen kunnen voelen.

Praktijkvoorbeeld:

Dit blijkt onder andere uit: Tijdens de inspectie komt net een baby uit bed. Er volgt een vast ritueel van verschonen, spelen en daarna eten. De beroepskracht heeft gesprekjes tijdens de verzorging en samen moeten ze lachen. De fles krijgt de baby in een rustig hoekje op de groep.

Voorschoolse educatie

Per week besteedt de houder minimaal 10 uur aan voorschoolse educatie.

Dagelijks worden volgens planning op de groep maximaal 16 kinderen opgevangen.

De houder heeft een document opgesteld over het beleid met betrekking tot de voorschoolse educatie. Hierin staan de voor het kindercentrum kenmerkende visie op de voorschoolse educatie en de wijze waarop deze visie is te herkennen in het aanbod van activiteiten beschreven.

VE- methode en het volgen en stimuleren van de ontwikkeling

Op Berend Botje locatie Oosthuizen wordt gebruik gemaakt van de VVE methode Startblokken. Hierin wordt op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling gestimuleerd op het gebied van taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling.

Voor het aanbod van activiteiten wordt er gekeken naar de interesses van de kinderen.

De beroepskrachten zorgen bij het ontwerpen van de thema's en activiteiten dat de doelen elkaar afwisselen zodat kinderen breed gestimuleerd worden. Met logboekformulieren wordt gereflecteerd op activiteiten. Aan de hand van deze reflectie wordt een vervolg activiteit bedacht, passend bij de behoeften van de kinderen. Er wordt ontwikkelingsgericht gewerkt.

De basis van ontwikkeling is zelfvertrouwen, nieuwsgierig zijn en emotioneel vrij zijn. Deze staan in de doelencirkel van Startblokken welke op de groep hangt en van waaruit de beroepskrachten werken bij het voorbereiden van activiteiten.

De ontwikkeling van kinderen wordt gevolgd met behulp van het kindvolgsysteem van Berend Botje. Hierbij wordt gekeken naar zowel de ontwikkeling (de vijf ontwikkelingsgebieden; motorische ontwikkeling, cognitieve ontwikkeling, spraak- taalontwikkeling, zelfredzaamheid en sociale ontwikkeling) als het welbevinden van het kind. Hiermee worden de kinderen tweemaal per jaar geobserveerd. Kinderen met een VE- indicatie worden tussendoor extra geobserveerd. De beroepskrachten hebben een jaarplanning waarop per maand staat welk kind geobserveerd zal worden. Minimaal twee keer per jaar vinden er 10-minuten gesprekken plaats waarbij de ontwikkeling en het welbevinden van het kind worden besproken.

Overdracht basisschool

In het pedagogisch beleidsplan staat de wijze waarop wordt vormgegeven aan de inhoudelijke aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en aan een zorgvuldige overgang van het kind van voor- naar vroegschoolse educatie. Ook uit het interview met een beroepskracht blijkt dat de gegevens van het kind middels een warme overdracht worden overgedragen aan de betreffende leerkracht van groep 1.

Personeel

De vaste beroepskrachten beschikken over een passende beroepskwalificatie, een getuigschrift over het verzorgen van voorschoolse educatie en voldoen aantoonbaar aan de taalnorm.

Opleidingsplan

De houder stelt jaarlijks een opleidingsplan vast. Hieruit blijkt dat er permanente educatie is ingepland voor de beroepskrachten met een VE-certificaat. Er is concreet beschreven wanneer het plan geëvalueerd wordt.

Ouders

In het beleid beschrijft de houder de wijze waarop de ouders worden betrokken bij het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. Ouders worden gestimuleerd om bij het brengen van hun kind activiteiten te doen met hun kind. Er worden themabijeenkomsten of koffieochtenden georganiseerd. Medewerkers streven ernaar om jaarlijks enkele activiteiten te organiseren waarbij ouders en kinderen op een creatieve manier samen aan de slag gaan met het thema, bijvoorbeeld in de vorm van een tentoonstelling of voorstelling.

Acht weken na de start van de opvang van een mag de ouder een dagdeel meedraaien op de groep. Dit wordt jaarlijks herhaald. Ook worden ouders op verschillende manieren gestimuleerd om thuis ontwikkeling stimulerende activiteiten met het kind te doen.

Kinderen met een VE- indicatie krijgen bij de start van ieder thema een themabrief mee waarin tips staan voor ouders. Soms worden woordlijsten met woorden van het betreffende thema mee naar huis gegeven zodat ouders thuis kunnen oefenen met de woorden.

Conclusie

Er wordt voldaan aan de getoetste voorwaarden uit de wet kinderopvang.

Personeel en groepen

Bij dit onderwerp gaat de inspecteur na of het personeel over de goede opleiding(en) beschikt en of iedereen die wordt ingezet een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) heeft. Heel belangrijk is of er voldoende medewerkers zijn in verhouding tot het aantal kinderen, de beroepskracht-kindratio. Ook wordt gekeken naar de opbouw en samenstelling van de groepen. Verder kan de inspecteur bijvoorbeeld nagaan of de voorgeschreven voertaal (Nederlands) wordt gebruikt.

Aan de getoetste voorwaarde is voldaan.

Veiligheid en gezondheid

Binnen de Wet kinderopvang gelden eisen die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid in een kindercentrum. De houder van een kindercentrum dient beleid te voeren dat ertoe leidt dat de veiligheid en de gezondheid van de op te vangen kinderen in en rond het kindercentrum zoveel mogelijk is gewaarborgd.

Tijdens de inspectie is beoordeeld of in een risico-inventarisatie schriftelijk staat vastgelegd welke risico's de opvang van kinderen met zich meebrengt. In de praktijk is beoordeeld of de uitvoering van bijbehorend beleid de risico’s ook daadwerkelijk ondervangt.

Aan de getoetste voorwaarden is voldaan.

Inspectie-items

Het laatste deel van het rapport is gewijd aan een uitgebreide opsomming van alle geïnspecteerde items. Daarbij wordt per punt verwezen naar de bijbehorende documenten, plannen, voorwaarden en wetsartikelen. Met behulp van de inspectie-items kan iedereen precies nagaan welke zaken zijn gecontroleerd en het hoe en waarom van de controles.

Slot

Het rapport sluit af met een overzicht van alle administratieve gegevens van de locatie en de inspectie. Tot slot is er ruimte voor de zienswijze houder kindercentrum. Hierin reageert Berend Botje op de inhoud van het inspectierapport.

Kinderopvang Berend Botje, locatie Oosthuizen, is trots op dit positieve GGD-inspectierapport. Wij streven ernaar om de kwalitatief best mogelijke kinderopvang te bieden. De conclusies uit het rapport bevestigen dat onze missie, visie en waarden er borg voor staan dat Berend Botje royaal voldoet aan alle wettelijke eisen en regels die aan de kinderopvang worden gesteld. Wij beschouwen de inspecties als een belangrijke ondersteuning van ons eigen beleid. In een steeds veranderende maatschappij is het zaak alert te blijven op nieuwe ontwikkelingen en eisen. Streven naar de hoogste kwaliteit is voor ons daarom een continu proces, waarin de GGD als toezichthouder een belangrijke rol speelt.

Terug naar overzicht
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat we je de beste ervaring op onze website bieden. Als je doorgaat met het gebruik van deze site, gaan we ervan uit dat je hiermee akkoord bent. Lees hier ons cookie statement of onze privacyverklaring.