Aanmelden kinderopvang!

Hoera! Een positief GGD-rapport voor Peuterspeelgroep 't Tweide Woidje in Abbekerk

10-10-2017

Alle locaties voor kinderopvang worden regelmatig bezocht door een inspecteur van de plaatselijke GGD. Daarna wordt een officieel inspectierapport op www.lrkp.nl gezet. De inspecties worden uitgevoerd om te controleren of de locaties voldoen aan alle eisen uit de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. Kinderopvang Berend Botje peuterspeelgroep `t Tweide Woidje in Abbekerk is op 10 oktober 2017 bezocht door de inspectie.

Op de eerste pagina (3) van het officiële rapport staan de belangrijkste gegevens: een overzicht van de algemene kenmerken van de locatie en de geschiedenis. Tot slot de conclusie: De houder voldoet aan de getoetste voorwaarden.

En een advies aan het College van B&W: Geen handhaving (geen actie nodig).

De werkwijze
De inspecteur bezoekt de locatie en controleert een groot aantal punten. Die punten zijn in een aantal categorieën onder te verdelen waarvan de belangrijkste zijn:

  1. Pedagogisch klimaat
  2. Personeel en groepen
  3. Veiligheid en gezondheid
  4. Pedagogisch klimaat
    De inspecteur bekijkt of in de dagelijkse praktijk wordt voldaan aan vier pedagogische basisdoelen die in de Wet Kinderopvang worden gesteld:
  • De kinderen moeten zich emotioneel veilig en geborgen voelen
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun persoonlijke ontwikkeling
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun sociale ontwikkeling
  • De leiding zorgt voor de overdracht van normen en waarden

Voor de beoordeling van de pedagogische praktijk is het openbare ‘veldinstrument observatie pedagogische praktijk kindercentra en peuterspeelzalen’ (december 2014) gebruikt. Hierin staan de indicatoren waarmee de uitwerking van de pedagogische basisdoelen in de praktijk wordt beoordeeld. Indicatoren uit dit veldinstrument worden cursief weergegeven.

Persoonlijke competenties
- Het programma bestaat uit vrij spel en gestructureerde activiteiten. De activiteiten zijn gevarieerd    en stimuleren diverse ontwikkelingsgebieden. Kinderen hebben er plezier en zin in; zij voelen zich uitgedaagd (exploratie). Ieder kind krijgt leer-/ervaringskansen.
- In het dagprogramma zijn altijd activiteiten opgenomen die gericht zijn op en/of aanzetten tot taalverrijking (voorlezen, taalspelletjes, liedjes, rijm, verwoorden van ervaringen).

Praktijkvoorbeeld:
Tijdens het inspectiebezoek was het thema 'logeren'. De beroepskracht vertelde dat zij samen met de kinderen een koffer had gepakt om te gaan logeren bij oma. De kinderen gingen met de trein, waarbij de spoorbaan was uitgelegd op de vloer. Op een tafel waren speelgoeddieren neergezet, zodat ze naar de dierentuin konden gaan. Op de muur was een poster opgehangen met de woorden die de kinderen hadden bedacht bij het thema. Leermomenten werden benut bijvoorbeeld door samen met een kind vormen in een doos te stoppen en daarbij de kleur te benoemen. Tijdens het fruit eten werd aan de kinderen gevraagd hoeveel van elk soort fruit er in de schaal lag. Na het eten werd er voorgelezen waarbij de kinderen werden betrokken door ze te vragen wat ze zagen op de plaatjes.

Emotionele veiligheid
Er is sprake van max. 3 vaste beroepskrachten die de groep begeleiden.

Praktijkvoorbeeld:
Op de groep werken 2 vaste beroepskrachten, elk 4 dagen per week. Zij kennen de kinderen en gebruiken die kennis in hun dagelijks handelen. Enkele kinderen hadden extra begeleiding nodig bij de taalontwikkeling, zij werden uitgedaagd om te praten door ze vragen te stellen en indien nodig te helpen bij hun antwoord.

Bovenstaande betreft slechts enkele voorbeelden van verschillende observaties. Naar aanleiding van de praktijkobservaties is geconcludeerd dat tijdens het inspectiebezoek voldoende is voorzien in het waarborgen van de vier pedagogische basisdoelen en het naleven van het pedagogisch beleid.

2.Personeel en groepen
Bij dit onderwerp gaat de inspecteur na of het personeel over de goede opleiding(en) beschikt en of iedereen die wordt ingezet een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) heeft. Heel belangrijk is of er voldoende medewerkers zijn in verhouding tot het aantal kinderen, de beroepskracht-kindratio. Ook wordt gekeken naar de opbouw en samenstelling van de groepen. Verder kan de inspecteur bijvoorbeeld nagaan of de voorgeschreven voertaal (Nederlands) wordt gebruikt.

Aan de getoetste voorwaarde is voldaan.

3.Veiligheid en gezondheid
Binnen de Wet kinderopvang gelden eisen die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid in een kindercentrum. De houder van een kindercentrum dient beleid te voeren dat ertoe leidt dat de veiligheid en de gezondheid van de op te vangen kinderen in en rond het kindercentrum zoveel mogelijk is gewaarborgd.

Tijdens de inspectie is beoordeeld of in een risico-inventarisatie schriftelijk staat vastgelegd welke risico's de opvang van kinderen met zich meebrengt. In de praktijk is beoordeeld of de uitvoering van bijbehorend beleid de risico’s ook daadwerkelijk ondervangt.

Risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid
In maart 2017 is de jaarlijkse risico-inventarisatie uitgevoerd. In de risico-inventarisatie is aangegeven welke afspraken (bijvoorbeeld werkafspraken, huisregels, protocollen) zijn vastgesteld en welke maatregelen met betrekking tot de inrichting en accommodatie (bijvoorbeeld vingersafes, veiligheidsglas) zijn genomen. Deze worden onder de aandacht gehouden bij de beroepskrachten via teamoverleggen en zijn inzichtelijk op de locatie in het digitale systeem van Berend Botje: Kwibuss.

Voor de medewerkers zijn werkinstructies, richtlijnen en protocollen beschikbaar op het gebied van gezondheid en veiligheid. Voor kinderen, ouders en beroepskrachten zijn huisregels opgesteld.

In de groepsruimten zijn tijdens de inspectie geen onveilige of ongezonde aspecten waargenomen. Op grond van de gesprekken en de observatie van de praktijk op de groep, is geconcludeerd dat de beroepskrachten het veiligheids- en gezondheidsbeleid kennen en over het algemeen op een juiste wijze in praktijk brengen.

Aan de getoetste voorwaarden is voldaan.

Inspectie-items
Het laatste deel van het rapport is gewijd aan een uitgebreide opsomming van alle geïnspecteerde items. Daarbij wordt per punt verwezen naar de bijbehorende documenten, plannen, voorwaarden en wetsartikelen. Met behulp van de inspectie-items kan iedereen precies nagaan welke zaken zijn gecontroleerd en het hoe en waarom van de controles.

Aan de getoetste voorwaarden wordt voldaan.

Slot
Het rapport sluit af met een overzicht van alle administratieve gegevens van de locatie en de inspectie. Tot slot is er ruimte voor de zienswijze houder kindercentrum. Hierin reageert Berend Botje op de inhoud van het inspectierapport.

Kindercentra Berend Botje Medemblik, locatie ’t Tweide Woidje in Abbekerk, is trots op dit positieve GGD-inspectierapport. Wij streven ernaar om de kwalitatief best mogelijke kinderopvang te bieden. De conclusies uit het rapport bevestigen dat onze missie, visie en waarden er borg voor staan dat Berend Botje royaal voldoet aan alle wettelijke eisen en regels die aan de kinderopvang worden gesteld. Wij beschouwen de inspecties als een belangrijke ondersteuning van ons eigen beleid. In een steeds veranderende maatschappij is het zaak alert te blijven op nieuwe ontwikkelingen en eisen. Streven naar de hoogste kwaliteit is voor ons daarom een continu proces, waarin de GGD als toezichthouder een belangrijke rol speelt.

Terug naar overzicht