Aanmelden kinderopvang!

Hoera! Positief GGD-rapport BSO Stadsspeeltuin

09-10-2017

Alle locaties voor kinderopvang worden regelmatig bezocht door een inspecteur van de plaatselijke GGD. Daarna wordt een officieel inspectierapport op www.lrkp.nl gezet. De inspecties worden uitgevoerd om te controleren of de locaties voldoen aan alle eisen uit de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelgroepen. Kinderopvang Berend Botje BSO Stadsspeeltuin in Hoorn is op 9 oktober 2017 bezocht door de inspectie.

Op de eerste pagina (3) van het officiële rapport staan de belangrijkste gegevens: een overzicht van de algemene kenmerken van de locatie en de geschiedenis. Tot slot de conclusie: De houder voldoet aan de getoetste voorwaarden.

En een advies aan het College van B&W: Geen handhaving (geen actie nodig).

De werkwijze
De inspecteur bezoekt de locatie en controleert een groot aantal punten. Die punten zijn in een aantal categorieën onder te verdelen waarvan de belangrijkste zijn:

  1. Pedagogisch klimaat
  2. Personeel en groepen
  3. Veiligheid en gezondheid
  4. Pedagogisch klimaat
    De inspecteur bekijkt of in de dagelijkse praktijk wordt voldaan aan vier pedagogische basisdoelen die in de Wet Kinderopvang worden gesteld:
  • De kinderen moeten zich emotioneel veilig en geborgen voelen
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun persoonlijke ontwikkeling
  • De kinderen worden gestimuleerd in hun sociale ontwikkeling
  • De leiding zorgt voor de overdracht van normen en waarden

Opmerkingen inspecteur:
“De beroepskrachten bieden op eigen initiatief en passende wijze steun aan kinderen die vanwege fysieke, sociale of gedragsmatige beperkingen/stoornissen extra kwetsbaar zijn. Er wordt gericht steun gegeven aan kinderen die zich met moeite kunnen handhaven in de groep.”

Praktijkvoorbeeld:
In de groep zijn enkele kinderen die extra aandacht behoeven en die ook krijgen, aldus de beroepskracht. Zij vertelde dat zij bijvoorbeeld wanneer een kind erg boos is, samen op de grond gaat zitten om te bespreken wat er gebeurde, waarom het kind boos is en hoe het anders kan. Daarbij vraagt zij aan het kind wat het nodig heeft om niet meer zo boos te worden. In het gesprek met de beroepskracht kwamen de complimentenbriefjes in de glazen pot ter sprake. Deze worden eigenlijk niet meer gebruikt, maar blijven staan omdat er wellicht vanuit de kinderen weer vraag naar komt. De beroepskracht vertelde dat een compliment geven een belangrijke plaats in neemt, bijvoorbeeld na het samen oplossen van een conflict of het nadenken over het eigen gedrag. De beroepskracht kijkt en vraagt waar de kinderen behoefte aan hebben en haakt daar op in bijvoorbeeld met een activiteit of een vragenspel.

Tijdens het inspectiebezoek wilden de twee aanwezige kinderen met de beroepskracht een poster maken waarop griezelige dingen werden geschreven. De beroepskracht werd gevraagd wat zij eng vond, dat schreven de kinderen dan op. Een poos lang waren zij geconcentreerd hiermee bezig.

Opmerkingen inspecteur:
“Kinderen hebben de mogelijkheid om zich te ontspannen en/of schooldrukte af te reageren (bv eerst buiten uitrazen, dan binnen iets drinken). Zij kunnen (ook) voor activiteiten kiezen die passen bij hun eigen interesse en energieniveau.”

Praktijkvoorbeeld:
Na schooltijd kunnen de kinderen, als zij dat willen, nog even buiten spelen op het schoolplein voordat zij samen met de beroepskracht naar de bso wandelen. Wanneer de kinderen dat willen, kunnen ze eerst nog in de speeltuin spelen of binnen iets doen, voordat zij rond 16.00 uur aan tafel gaan om wat te eten. De groepsruimte is ingericht met overzichtelijke hoeken zoals een chillhoek, een timmerhoek en een atelier.

Bovenstaande betreft slechts enkele voorbeelden van verschillende observaties. Naar aanleiding van de praktijkobservaties is geconcludeerd dat tijdens het inspectiebezoek voldoende is voorzien in het waarborgen van de vier pedagogische basisdoelen en het naleven van het pedagogisch beleid.

2.Personeel en groepen
Bij dit onderwerp gaat de inspecteur na of het personeel over de goede opleiding(en) beschikt en of iedereen die wordt ingezet een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) heeft. Heel belangrijk is of er voldoende medewerkers zijn in verhouding tot het aantal kinderen, de beroepskracht-kindratio. Ook wordt gekeken naar de opbouw en samenstelling van de groepen. Verder kan de inspecteur bijvoorbeeld nagaan of de voorgeschreven voertaal (Nederlands) wordt gebruikt.

Aan de getoetste voorwaarde is voldaan.

3.Veiligheid en gezondheid
Vanzelfsprekend worden er strenge eisen gesteld als het om de veiligheid en gezondheid van de kinderen gaat. Zo is er een verplichte, jaarlijkse risico-inventarisatie. Andere controlepunten zijn de meldcode kindermishandeling, die erop gericht is om signalen die wijzen op mishandeling zo vroeg mogelijk op te pikken, en het vierogenprincipe. Met dat laatste wordt bedoeld dat de beroepskrachten altijd gezien of gehoord kunnen worden door een andere volwassene, zodat er geen gelegenheid bestaat voor mishandeling of misbruik.

Aan de getoetste voorwaarden wordt voldaan.

Inspectie-items
Het laatste deel van het rapport is gewijd aan een uitgebreide opsomming van alle geïnspecteerde items. Daarbij wordt per punt verwezen naar de bijbehorende documenten, plannen, voorwaarden en wetsartikelen. Met behulp van de inspectie-items kan iedereen precies nagaan welke zaken zijn gecontroleerd en het hoe en waarom van de controles.

Aan de getoetste voorwaarden wordt voldaan.

Slot
Het rapport sluit af met een overzicht van alle administratieve gegevens van de locatie en de inspectie. Tot slot is er ruimte voor de zienswijze houder kindercentrum. Hierin reageert Berend Botje op de inhoud van het inspectierapport.

Kindercentrum Berend Botje BSO Stadsspeeltuin, is trots op dit positieve GGD-inspectierapport. Wij streven ernaar om de kwalitatief best mogelijke kinderopvang te bieden. De conclusies uit het rapport bevestigen dat onze missie, visie en waarden er borg voor staan dat Berend Botje royaal voldoet aan alle wettelijke eisen en regels die aan de kinderopvang worden gesteld. Wij beschouwen de inspecties als een belangrijke ondersteuning van ons eigen beleid. In een steeds veranderende maatschappij is het zaak alert te blijven op nieuwe ontwikkelingen en eisen. Streven naar de hoogste kwaliteit is voor ons daarom een continu proces, waarin de GGD als toezichthouder een belangrijke rol speelt.

Terug naar overzicht