Aanmelden kinderopvang!

Positief GGD-rapport BSO Berend Botje Landsmeer

18-04-2017

Alle locaties voor kinderopvang worden eens per jaar onaangekondigd bezocht door een inspecteur van de plaatselijke GGD. Daarna wordt een officieel inspectierapport op www.lrkp.nl gezet. Op 16 maart 2017 bezocht de inspecteur BSO Berend Botje Landsmeer. De inspecties worden uitgevoerd om te controleren of de locaties voldoen aan alle eisen uit de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.

Op de eerste pagina (3) van het officiële rapport van 10 april 2017 staan de belangrijkste gegevens: een overzicht van de algemene kenmerken van de locatie en de inspectiegeschiedenis.

Tot slot de bevindingen: Aan alle getoetste voorwaarden is voldaan.
En een advies aan het College van B&W: Geen handhaving (geen actie nodig).

De werkwijze
De inspecteur bezoekt - onaangekondigd - de locatie en controleert een groot aantal punten. Die punten zijn in een aantal categorieën onder te verdelen waarvan de belangrijkste zijn:

  1. Pedagogisch klimaat
  2. Personeel en groepen
  3. Veiligheid en gezondheid


1. Pedagogisch klimaat
De inspecteur bekijkt of in de dagelijkse praktijk wordt voldaan aan vier pedagogische basisdoelen die in de Wet Kinderopvang worden gesteld:

- De kinderen moeten zich emotioneel veilig en geborgen voelen
- De kinderen worden gestimuleerd in hun persoonlijke ontwikkeling
- De kinderen worden gestimuleerd in hun sociale ontwikkeling
- De leiding zorgt voor de overdracht van normen en waarden

Normen en waarden
De beroepskrachten begeleiden kinderen actief bij het leren kennen en omgaan met de afspraken in de groep. Zij leggen uit wat er van het kind verwacht wordt. Zij geven aan welk gedrag bij welke situatie hoort in termen van ‘wat er wèl mag’.

Opmerkingen inspecteur: "
De beroepskracht geeft het verwachte gedrag aan. De kinderen mogen vrij spelen, maar eerst iets opruimen voor het volgende spel. De kinderen mogen stoeien, maar elkaar geen pijn doen en wel naar elkaar luisteren. De kinderen gaan naar buiten, maar de jassen en hesjes moeten aan. De
kinderen mogen knutselen, maar bijvoorbeeld het strijken van de kralen dat doet de beroepskracht. De afspraken zijn duidelijk. Dat is merkbaar aan de kinderen die vragen om hulp bij de strijkkralen en weten precies wat ze wel of niet mogen.

2. Personeel en groepen
Bij dit onderwerp gaat de inspecteur na of het personeel over de goede opleiding(en) beschikt en of iedereen die wordt ingezet een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) heeft. Heel belangrijk is of er voldoende medewerkers zijn in verhouding tot het aantal kinderen, de beroepskracht-kindratio. Ook wordt gekeken naar de opbouw en samenstelling van de groepen. Verder kan de inspecteur bijvoorbeeld nagaan of de voorgeschreven voertaal (Nederlands) wordt gebruikt.

3. Veiligheid en gezondheid
Tijdens de inspectie wordt beoordeeld of in een risico-inventarisatie schriftelijk staat vastgelegd welke risico's de opvang van kinderen met zich meebrengt. In de praktijk wordt beoordeeld of de uitvoering van bijbehorend beleid de risico’s ook daadwerkelijk ondervangt.

Inspectie-items
Het laatste deel van het rapport is gewijd aan een uitgebreide opsomming van alle geïnspecteerde items. Daarbij wordt per punt verwezen naar de bijbehorende documenten, plannen, voorwaarden en wetsartikelen. Met behulp van de inspectie-items kan iedereen precies nagaan welke zaken zijn gecontroleerd en het hoe en waarom van de controles.

Slot
Het rapport sluit af met een overzicht van alle administratieve gegevens van de locatie en de inspectie. Tot slot is er ruimte voor de zienswijze houder kindercentrum. Hierin reageert Berend Botje op de inhoud van het inspectierapport.

“BSO Berend Botje Landsmeer is trots op dit positieve GGD-inspectierapport. Wij streven ernaar om de kwalitatief best mogelijke kinderopvang te bieden. De conclusies uit het rapport bevestigen dat onze missie, visie en waarden er borg voor staan dat Berend Botje royaal voldoet aan alle wettelijke eisen en regels die aan de kinderopvang worden gesteld. Wij beschouwen de inspecties als een belangrijke ondersteuning van ons eigen beleid. In een steeds veranderende maatschappij is het zaak alert te blijven op nieuwe ontwikkelingen en eisen. Streven naar de hoogste kwaliteit is voor ons daarom een continu proces, waarin de GGD als toezichthouder een belangrijke rol speelt.”

Terug naar overzicht